Prijzen windenergie op land en op zee niet vergelijkbaar

Door verschillen in het beleid van de overheid zijn de prijzen voor windenergie op land en windenergie op zee niet één op één te vergelijken.

Bij windenergie op zee heeft de overheid ervoor gekozen om een aantal kosten en verschillende risico’s weg te nemen om de prijs voor deze vorm van energie zo laag mogelijk te houden. Dat is uitermate succesvol en NWEA is erg tevreden met deze aanpak.

Bij windenergie op land worden in de SDE+-regeling de kosten meegenomen voor de aansluiting van de windmolens op het elektriciteitsnet en voor de grond waarop de molens staan. De kosten voor een aansluiting kunnen per locatie erg verschillen.

Op zee bestaan er feitelijk geen kosten voor de grond, en zorgt de overheid voor de netaansluiting. De kosten voor de aansluiting op het net bedragen voor windmolens op zee 1,4 eurocent per kilowattuur.

Daarnaast leggen lokale overheden bij verschillende plekken op land beperkingen op aan de hoogte van windmolens, waardoor exploitanten minder mogelijkheden hebben om optimaal te profiteren van de wind en daarmee de kosten te drukken. Op zee bestaan minder hoogtebeperkingen.

Wat betreft de risico’s: de overheid bereidt projecten voor windenergie op zee uitgebreid voor door locatieonderzoek, en het opstellen van een MER en een kavelbesluit. Ook de zekerheid over het tijdig realiseren van een netaansluiting is op zee veel groter dan op land. Daardoor zijn de risico’s, en daarmee de kosten, in de aanloopfase hoger bij windenergie op land.