In 2019 is het opgesteld vermogen van wind op land gegroeid naar 3.553 MW, zo blijkt uit cijfers van WindStats.nl. Hiervoor is er 280MW aan nieuw vermogen bijgebouwd. Daarnaast is er voor 86 MW aan oude turbines afgebroken, waardoor er een netto groei is van 194 MW.

Op weg naar 6.000MW

In het energieakkoord van 2013 is afgesproken dat er eind 2020 6.000MW aan windenergie op land staat. “Met de huidige vooruitzichten gaan we dit echter pas rond 2023 halen,” aldus Rik Harmsen, Branchespecialist Wind op Land bij NWEA. “Het goede nieuws is wel dat we de komende jaren een sterke groei gaan zien om dit doel alsnog te halen.”

Het risico hierbij is wel dat er vertraging kan ontstaan, bijvoorbeeld bij de aansluitingen op het net. Regionale netbeheerders hebben in diverse regio’s al bouwstops aangekondigd voor duurzame energie. NWEA waakt ervoor dat dit de verdere uitrol van wind op land niet in de weg komt te staan.

Ook voor na 2023 ziet NWEA nog voldoende kansen voor de verdere groei van wind op land. Harmsen: “Door het slim koppelen van vraag en aanbod kan er potentieel tot 15 GW wind op land komen te staan. Hiermee levert wind op land een grotere bijdrage dan gevraagd in het klimaatakkoord. En brengen wij het halen van het klimaatakkoord van Parijs een stap dichterbij.”

Repowering

Een van de trends binnen wind op land is repoweren. De meeste turbines die worden afgebroken zijn kleine, oude modellen. Deze leveren naar verhouding met veel turbines weinig productie. Bij nieuwbouw worden deze vervangen door enkele grote turbines die per saldo veel meer elektriciteit leveren. In vaktermen: repoweren. Hierdoor kan er meer vermogen uit van oorsprong windrijke locaties worden gehaald.

Een van de grootste voorbeelden hiervan is Windpark Zeewolde. Hier worden 220 oude molens vervangen door 91 grotere molens. Deze zullen bij elkaar 3x meer elektriciteit gaan leveren dan de oude modellen. Dit project is nu in uitvoering en wordt eind 2021 opgeleverd.